Steeds jonger een chronische ziekte en ziektekosten met 1250% gestegen

We worden steeds eerder ziek.

Onderstaande grafiek laat de laatste cijfers van het Centraal Bureau Statistiek zien. Daaruit wordt duidelijk dat we steeds eerder een chronische ziekte krijgen en iets langer leven dan in 1981. In 1981 was het aantal jaren zonder een chronische ziekte bij geboorte voor vrouwen 53,9 jaar en voor mannen 54,4 jaar, vrijwel gelijk. Met een levensverwachting bij vrouwen van 79,3 en bij mannen van 72,7 jaar. Een totale aantal zorgjaren voor een gemiddelde man en vrouw samen is daarmee 43,7 jaar.

Inmiddels is dat beeld dramatisch gewijzigd. Een vrouw heeft in 2011 bij geboorte nog slechts 40,9 jaar te leven zonder een chronische ziekte. Bij een gemiddelde levensverwachting van 82,8 jaar leeft zij dus meer dan de helft van haar leven met een chronische aandoening. En dus met zorgkosten. Een gemiddelde man heeft bij geboorte nog 46,1 jaar te leven zonder een chronische ziekte bij een levensverwachting van 79,1 jaar. Het totaal aantal zorgjaren voor de gemiddelde man en vrouw samen is daarmee gestegen naar 74,9 jaren!

De minister kan bezuinigen wat zij wil, maar met een dergelijke enorme toename van de zorgvraag is het logisch dat de zorgkosten sinds 1971 met 1250% zijn gestegen. Gezien de steeds dalende levensverwachting zonder een chronische ziekte zal die stijging alleen maar verder doorzetten. Daar valt eenvoudig niet tegenop te bezuinigen.

De grote vraag is wanneer de politiek wakker wordt en hard ingrijpt en vol inzet op preventie. Met impopulaire maatregelen voor bedrijven als dat nodig is, maar met winst voor de burger, zowel winst voor gezondheid als winst voor de zorgkosten.

Maar begin aan de voorkant en niet aan het einde!